Lid worden

Wat krijg je voor 90 euro per jaar?

  • Behartiging van de belangen van de leraren in het primair en voortgezet onderwijs
  • Inclusief rechts­bijstands­verzekering
  • Faciliteiten op de website
  • Maandelijks de LIA-nieuwsbrief
Meld je nu aan

Laatste reacties

LIA-voorzitter over het Lerarenregister

LIA-voorzitter: 'Bezwaren tegen het Lerarenregister zijn helaas terecht'

 Op de sociale media is een storm van protest opgestoken tegen het Lerarenregister. Tegenstanders hopen dat de Eerste Kamer de komst van het Lerarenregister nog tegen zal houden. Voorstanders van het Lerarenregister roeren zich nu ook. LIA-voorzitter Peter Althuizen reageert hieronder op de uitlatingen van een voorstander van het Lerarenregister, AOb-voorzitter Liesbeth Verheggen.


Boos of verdrietig?

“Wel een beetje boos. Ik vind het jammer dat mevrouw Verheggen beweert dat wij het wetsvoorstel niet zouden hebben gelezen. Dat is natuurlijk flauwekul. Ook zegt ze dat wij niet met de juiste feiten komen, sterker, wij zouden volstrekte onjuistheden verspreiden. Een voormalig LIA-bestuurslid is via Beter Onderwijs Nederland (BON) nauw betrokken geweest bij de ontwikkeling van het voorstel voor een goed Lerarenregister en heeft zoveel mogelijk getracht bij te sturen, maar is afgehaakt. Het feit dat LIA pas relatief laat, na de goedkeuring van het wetsvoorstel in de Tweede Kamer, in actie is gekomen is juist omdat wij er alle vertrouwen in hadden dat de vraag van BON om een breed draagvlakonderzoek binnen de Onderwijscoöperatie zou worden gehonoreerd.  Bovendien hadden wij met een negatief advies van de Raad van State ook niet gedacht dat een meerderheid in de Tweede Kamer voor het Lerarenregister zou stemmen.” 


Waarom de petitie?

“Onze voornaamste grief is dat er nooit onderzoek is gedaan naar het draagvlak voor dit Lerarenregister onder leraren. Die ontkenning van het belang van onderzoek naar draagvlak onder leraren voor belangrijke onderwijszaken is precies ook een van de redenen waarom BON uit de Onderwijscoöperatie is gestapt. BON zegt dat ook de door de Onderwijscoöperatie ingezette richting bij het draagvlakonderzoek voor Onderwijs2032 eerder leek op een wenselijke conclusie dan op een werkelijk correct beeld van het draagvlak onder leraren. Juist om die reden zien leraren ook geen heil in het Lerarenregister zoals dat nu is en zoals dit zich verder lijkt te ontwikkelen. De petitie www.stopditlerarenregister.nl is wellicht niet de ideale manier om draagvlak te meten, maar geeft op dit moment wel het beste beeld.”


Mevrouw Verheggen heeft het over meer zeggenschap voor leraren en bescherming van ons beroep

“Mevrouw Verheggen begint met het uitspreken van haar begrip voor het feit dat leraren de overheid wantrouwen, ook nu die overheid met een wet lijkt te komen die autonomie van leraren zou moeten bevorderen. Ik zou het wat scherper willen stellen. Leraren wantrouwen op dit punt niet alleen de overheid, maar ook, en misschien nog wel sterker, de grote onderwijsbonden en de zogenaamde Onderwijscoöperatie waarvan die bonden deel uitmaken. Het is altijd jammer te moeten constateren dat onderwijsbonden niet gezamenlijk de grote problemen van het onderwijs willen aanpakken. Al meerdere malen heeft vakbond LIA aan de andere bonden gevraagd in actie te komen tegen de afbrokkelende rechtspositie en arbeidsvoorwaarden van onderwijspersoneel, maar telkens blijkt men weer bereid om de cao’s te tekenen bij het door de onderwijsraden aangegeven kruisje. Ook een demonstratie voor minder werkdruk, kleinere klassen, minder lessen, meer tijd voor lesvoorbereiding en betere salarissen werd door geen enkele andere bond ook maar in woord gesteund, laat staan dat ze acte de présence gaven. Ze hebben het gewoon laten lopen en komen dan nu weer doodleuk, zoals de AOb bijvoorbeeld onlangs op haar website en bij het televisieprogramma ‘EenVandaag’, met een pleidooi voor betere salarissen en minder werkdruk. Als leraar vertrouw ik die geintjes niet meer en daarom gaan ook van dit met mooie woorden opgeluisterde Lerarenregister mijn nekharen overeind staan. Als ik niet genoeg punten haal, willen de bonden dat ik voor de klas weggehaald word. Wat voor punten?”


Geen vertrouwen in het nascholingsaanbod

“Uit berichtgeving uit de eerste hand van nauw bij dit Lerarenregister betrokken leraren weten we dat het bij de validering van het nascholingsaanbod in het op dit moment nog vrijwillige Lerarenregister een zooitje is, waarbij de meningen van die betrokken leraren regelmatig ronduit geschoffeerd worden. Mevrouw Verheggen kan nu wel zeggen dat het grootste en belangrijkste punt van deze wet is, dat wij als leerkrachten weer verantwoordelijk zouden worden voor ons beroep en voor onze ontwikkeling, maar wanneer je school in brand staat, moet je eerst blussen. Leraren smeken daarom. Dat betekent dus nu geen Lerarenregister, precies zoals de Raad van State adviseert, maar eerst een aantal zaken hoog nodig op orde brengen. Zoals: kleinere klassen, minder lesuren per week, meer tijd voor goede lesvoorbereiding, nawerk, individuele leerlingenbegeleiding en voor de eigen deskundigheidsbevordering. De bonden stellen dat ze die zaken via ‘flankerend beleid’ dat los staat van het Lerarenregister willen bereiken. Helaas voor die bonden moet ik concluderen dat uit dat zogenaamd ‘flankerend beleid’ al jaren niets goeds is voortgekomen. Het sprookje over eigen verantwoordelijkheid van leraren voor ons eigen beroep en onze eigen ontwikkeling wordt nu bovendien opgehangen aan de kapstok van een Onderwijscoöperatie waar leraren zich niet bij thuis en niet gehoord voelen. Meer dan 20.000 leraren hebben op dit moment al aangegeven dat ze passen voor dat sprookje.”


Het register wordt van bovenaf opgelegd zonder voldoende draagvlak onder leraren

“Mevrouw Verheggen doet dit punt van kritiek af als pertinente onzin. Je moet maar durven. Misschien mag ik herinneren aan het eindrapport van de Commissie Dijsselbloem (Parlementair Onderzoek Onderwijsvernieuwingen), die destijds al concludeerde dat politiek draagvlak voor de beleidsmakers belangrijker bleek dan draagvlak in het onderwijs zelf.  Regeerakkoorden forceerden een doorbraak, maar versterkten het gesloten beleidsproces. Overeenstemming met het onderwijsveld werd bereikt met de beroepsvertegenwoordigers van belangenorganisaties. Die stonden daarbij dichter bij de politiek dan bij hun eigen achterban. De commissie concludeerde ook dat docenten, ouders en leerlingen onvoldoende werden gehoord in de  ‘onderwijspolder’. De Kamer werd een breed draagvlak voorgehouden en die slaagde er niet in om daar doorheen te prikken. Wanneer de AOb nu zegt dat de Onderwijscoöperatie van, voor en door de leraren is, is er dus nog niets veranderd. De mening van beroepsvertegenwoordigers die zelf niet voor de klas staan is zonder echte en oprechte meting van het draagvlak onder leraren nu eenmaal van nul en generlei waarde.”


De wet is toch meer dan het Lerarenregister?

“Het Lerarenregister staat inderdaad niet op zichzelf, daar heeft mevrouw Verheggen gelijk in: het is onderdeel van een wetsvoorstel waarin onder meer staat dat een leraar recht heeft op nascholing. Maar de daadwerkelijke faciliteiten daarvoor worden nu al geregeld in de cao’s! Wat heb ik bovendien aan deze bij wet geregelde rechten op nascholing indien ik deze voornamelijk in mijn eigen tijd moet realiseren? In die zin is het ook volledig onbegrijpelijk dat de AOb de uitspraak van de bezwarencommissie cao VO onlangs nog in de nieuwe cao VO naast zich neer heeft gelegd en de tekst zodanig heeft gewijzigd, dat de naar rato-bepaling van de taakomvang wel van toepassing is. Wie maar een halve baan heeft, krijgt dan bijvoorbeeld maar de helft van de uren en het geld dat iemand met een volle baan krijgt voor deskundigheidsbevordering en professionalisering. Het is daarnaast ook eerder regel dan uitzondering dat in de uitwerking van de cao’s tussen schoolbesturen en medezeggenschapsraden op de beschikbare uren voor deskundigheidsbevordering wordt beknibbeld. Hoe kun je als AOb wel roepen dat de werkdruk onevenredig toeneemt en vervolgens zonder morren je handtekening zetten onder een cao die dat niet aanpakt, maar juist verergert?”


Volgens de Onderwijscoöperatie kan de invulling van het Lerarenregister na invoering nog bijgesteld worden

“Bij LIA zijn we van mening dat je je doel voorbij schiet wanneer je in aanvang niet bereid bent te luisteren naar de mening van leraren en dit falen later probeert te bedekken met opmerkingen dat, wanneer collega’s later deze professionaliseringsregeling ter discussie willen stellen, daar best met alternatieven over is te praten. Daar hebben wij geen vertrouwen in. Wat eenmaal op papier staat is in een later stadium lastig aan te passen, zeker als je tegenover rigide organisaties als de grote onderwijsbonden staat. Dit soort toezeggingen hebben een fundering in drijfzand en zijn geschreven in snel stromend water.”


Leraren zijn niet autonoom in de keuze van hun professionalisering

“Kon ik dit maar betitelen als lariekoek. De waarheid is helaas anders. Er zijn LIA-leraren die het Lerarenregister  (en de manier van werken van de Onderwijscoöperatie) van 'binnenuit' kennen en zij hebben constructief geprobeerd het Lerarenregister te maken tot een instrument waar Nederlandse leraren wel achter zouden kunnen staan. Een Lerarenregister met een goede nascholingsagenda, een Lerarenregister waarin nascholingsactiviteiten door leraren (vooraf en achteraf) beoordeeld worden op hun kwaliteit. Dit is niet hoe het nu werkt. Voorbeeld: een door leraren afgekeurde cursus kreeg van het Bureau gewoon een goedkeuringsstempel, andere cursussen werden niet aan subcommissies voorgelegd, maar zonder meer gevalideerd, vragen hierover van leraren werden niet beantwoord.” 


Een goed Lerarenregister kost dus tijd?

 “LIA kent het wetsvoorstel heel goed. LIA heeft zelfs de vragen in de internetconsultatie van het ministerie van OC&W toegelicht. LIA heeft bijgedragen aan het commentaar van de Onderwijsraad. Maar DIT lerarenregister en de aansturing ervan door de Onderwijscoöperatie gaat hem niet worden. De invoering van een GOED register kost inderdaad tijd (de medisch specialisten deden er  veel langer over), maar DIT register moet er in verhouding even snel doorgejaagd worden. Daarmee lever je geen kwaliteit. Ik zeg niet met blijheid of trots dat ons niet anders rest dan tegen DIT lerarenregister te zijn. Het is eigenlijk een trieste constatering.” 


Het wetsvoorstel biedt geen enkele oplossing voor de huidige problemen in het onderwijs, zoals het tekort aan bevoegde leraren

“Ja. Hier zijn we het dus met elkaar eens. Ik nodig mevrouw Verheggen daarom nogmaals uit om samen met LIA, nadat de Eerste Kamer het wetsvoorstel heeft tegengehouden, de mogelijkheden te onderzoeken om bijvoorbeeld te komen tot werkdrukverlaging en verhoging van de salarissen in het onderwijs om het beroep van leraar weer aantrekkelijk te maken. Niet de wetgeving die nu voorligt is een stap in die richting, maar het gezamenlijk de aandacht van de politiek richten op wat leraren en het onderwijs nu nodig hebben is de weg die we moeten bewandelen. Het onderwijs heeft dat verschrikkelijk hard nodig.” 


LEES REACTIES en/of REAGEER ZELF